Binnen Doorbraak wordt vaak gediscussieerd over acties en de vorm daarvan. Daarbij gaat het uiteraard vooral ook om de effectiviteit van acties, en om de uitstraling naar buiten toe: gaat er een mobiliserende werking vanuit? Worden mensen gestimuleerd om mee te gaan doen in de strijd voor een eerlijke, solidaire en vrije samenleving?
Demonstraties lijken wat dat betreft niet altijd de meest geschikte actievorm; van simpelweg rondjes lopen als protest gaat vaak maar weinig kracht uit. Grote demonstraties worden vaak onschadelijk gemaakt doordat er bobo’s van politieke partijen zijn, waarbij de demonstranten slechts passief mogen toehoren. Meer strijdbare demonstraties zijn vaak erg klein, waardoor ze makkelijk genegeerd kunnen worden door de media.
Misschien is het goed om te beseffen dat demonstraties een manifestatie zijn van verzet dat al langer leeft en dat mensen die op een demonstratie of andere actie afkomen niet uit de lucht komen vallen, maar er zijn omdat ze op een bepaald moment, of waarschijnlijker op meerdere momenten, geïnspireerd zijn geraakt om in actie te komen. Die inspiratie kan bijvoorbeeld komen uit gelezen artikelen, interesante lezingen, onthullingen en acties die resultaten opleveren. En mensen kunnen natuurlijk ook gewoon boos zijn geworden over het leven dat ze leiden onder het juk van het kapitalisme. Het is dan wel goed om te weten dat er meer mensen met problemen zijn, die ook boos zijn over het onrecht dat hen en anderen wordt aangedaan. Daarom legt Doorbraak de nadruk op het organiseren van mensen. Door organiseren worden mensen voor een gemeenschappelijk doel bijeengebracht en kunnen ze vaak effectief strijden tegen hun onderdrukkers. Gezamenlijk kunnen dan bijvoorbeeld stakingen of bezettingen worden uitgevoerd. Of demonstraties natuurlijk, die dan een uiting vormen van de gevonden onderlinge solidariteit. Maar het gaat erom om mensen langdurig bij de strijd te betrekken.
In de twee hieronder geplaatste artikelen van Doorbraak-activisten komen bovenstaande overwegingen ook naar voren. Het eerste artikel van Taylan Devrim geeft een treffende beschrijving van de 1 mei demonstratie in Nijmegen van vorig jaar: een strijdbare demonstratie, die helaas ontsierd werd door politiegeweld. Het tweede artikel van Harko Wubs is meer kritisch: zowel een ‘te brave’ demonstratie als een demonstratie die eenzijdig focust op het heroveren van de straat en het uitvoeren van illegale acties zijn ineffectief. De eerste is te weinig strijdbaar, daar gaat geen dreiging voor het systeem van uit. De tweede leidt al snel tot marginalisering van de actievoerders. Het artikel roept vooral op om meer nadruk op het organiseren van mensen te leggen.
Pas als we een grote groep strijdbare mensen kunnen mobiliseren kunnen we laten zien dat we als radicaal, buitenparlementair links weer een rol van betekenis spelen. In die situatie verkeren we echter nog lang niet. Toch hechten we er aan om bij deze 1 mei demonstratie aanwezig te zijn, om een principieel geluid tegen het kapitalisme te laten horen. Dat de demonstratie klein is, is niet doorslaggevend: verzet begint altijd klein. We hopen daarbij op een demonstratie waarbij strijdbaarheid, onderlinge solidariteit en verantwoordelijkheidsgevoel voor elkaar hand in hand gaan.
Koos Kuijt
Strijdbare 1 mei demonstratie in Nijmegen
De landelijke anti-kapitalistische 1 mei demonstratie in Nijmegen werd ruw verstoord door de politie. De demonstratie was door onder meer Doorbraak georganiseerd.
Ongeveer 250 mensen hadden zich verzameld in Nijmegen om de dag van de arbeid te vieren, en te protesteren tegen uitbuiting, onderdrukking en afbraak van onze rechten en verworvenheden. Naast een boel autonome activisten, waren er ook SP-ers, leden van migrantenorganisaties en andere linksen onder de aanwezigen. De demonstratie begon op het stationsplein met een toespraak van een schoonmaakster en van een Doorbraak-activist. Vanaf het begin was de aanwezigheid van de politiemacht goed voelbaar. Maar vooralsnog verliep de demonstratie vrij rustig. Er werd stilgestaan bij een pand dat kort geleden was gekraakt en was omgebouwd tot een weggeefwinkel. Iets verderop was er een toespraak in een wijk die binnenkort gesloopt gaat worden. Er waren positieve reacties van buurtbewoners, die zich overduidelijk irriteerden aan de aanwezigheid van zoveel politie in hun wijk. Daarna liep de stoet richting een tunnel waar stil werd gestaan bij seksueel geweld. Er werden leuzen gespoten die duidelijk maakten dat seksueel geweld niet voorkomen kan worden door het ophangen van camera’s, maar alleen door onszelf.
De sfeer werd even grimmig toen een fietsagent werd geweerd toen hij op de groep wilde inrijden. Het volgende punt waar een toespraak gehouden zou worden, was iets verderop bij uitzendbureau Adecco. Onderweg daarheen ondervond ook het aanwezige publiek hinder van het ongekend aantal politiemensen. Een voorbijfietsende vrouw werd aangereden door een agente te paard, waarna ze ter plekke behandeld werd – achter een ME-busje om de demonstranten die te hulp wilden schieten op afstand te houden. De agente had haar paard niet goed onder controle, zoals later opnieuw zou blijken.
Ondertussen had de kopgroep het kruispunt bereikt waar het kantoor van Adecco zich bevindt. Daar zou een ludiek protest plaatsvinden tegen het werven van beveiligingspersoneel voor de illegalengevangenissen. De bedoeling was om een spandoek op te hangen met de tekst “Uitzetbureau? Niet voor jou!”. Het werd snel duidelijk dat de politie dat niet wilde toestaan, en klaar stond om in te grijpen. Dat gebeurde dan ook vrij snel. De eerdere genoemde agente liet haar paard over een plantenbak heen stappen bovenop een actievoerder. Andere demonstranten wilden diegene helpen. Toen begonnen agenten keihard te meppen, letterlijk op de demonstranten in te hakken. Daarop vloog er een steen tegen het raam van Adeeco. Even later ging de agente te paard plots door een spandoek heen, recht de menigte in, en kwam daarbij ten val, half op het spandoek en wat demonstranten. Daarop chargeerde de politie dwars door de demonstratie heen. Zo werd een wig gedreven in de demonstratie en ontstond er een chaotische situatie. Ook werden er arrestaties verricht. Vanuit de organisatie werd met man en macht geprobeerd om de overgebleven mensen bij elkaar te houden, om zo tegenstand te kunnen bieden tegen het gewelddadige politieoptreden.
Uiteindelijk lukte het om het Plein 1944 te halen. De demonstranten konden daar een toespraak houden voor het winkelend publiek, waarin duidelijk werd waarom er gedemonstreerd werd, juist op 1 mei, en over het belang van het zich organiseren tegen het kapitalisme. Er werden flyers uitgedeeld aan de omstanders, die vol verbazing zaten te kijken wat er allemaal om hen heen gebeurde. Daarna liepen de demonstranten onder strenge politiebewaking door een ME-cordon naar het Kronenburgpark. Politie in burger aasde er ondertussen voortdurend op om mensen uit de groep te arresteren. De bedoeling van de organisatie was om de demonstratie daar te beëindigen. Dat werd echter niet toegestaan door de politie. Er werd wederom ingehakt op de groep, en een aantal mensen werd gearresteerd. Zeer waarschijnlijk was de politie van plan om daar de overgebleven groep uit elkaar te jagen en over te gaan tot arrestaties. Toen dat niet lukte, werden de demonstranten onder strenge politiebegeleiding naar het station geleid.
Eenmaal binnen in het station was er een mooi moment, het gevoel overheerste dat het was gelukt, om ondanks de ongekende politiemacht tegenstand te bieden. Er werden binnen dan ook verschillende linkse leuzen gescandeerd. De politie weigerde de demonstranten naar buiten te laten, en wilde dat ze de trein pakten en vertrokken, zodat ze niet meer in de stad konden komen. Dat was absurd, want er waren heel wat mensen die in Nijmegen wonen, en bovendien was er een avondprogramma. Dus niemand wilde weg. Op een gegeven moment kwam de ME met twee man overleggen. Tot dan toe hadden ze alle communicatie geweigerd, en zelfs geen woordvoerder aangewezen toen de organisatie daar nadrukkelijk om vroeg. Nu wilden ze ineens wel mensen laten gaan, maar dan alleen in kleine groepjes. Er was enige twijfel over of dat een slimme zet van de politie was om demonstranten te kunnen arresteren. Maar na onderling gezamenlijk overleg werd besloten om erop in te gaan. Uiteindelijk zijn de demonstranten zonder verdere aanhoudingen vrijgelaten uit het station.
Achteraf heerste bij veel demonstranten een gevoel van overwinning en blijdschap omdat ze de demonstratie af wisten te maken, ondanks de diverse pogingen van de politie om hem voortijdig te beëindigen. Maar er heerste ook veel verbazing over hoe het kan dat de politie met zoveel machtsvertoon een vreedzame demonstratie probeerde te verstoren. ‘s Avonds werd nog door een groep een lawaaidemonstratie gehouden voor de ingang van het politiebureau om solidariteit te tonen met de kameraden die werden vastgehouden.
Hierbij kondigen we aan dat we de volgende keer gewoon weer de straat op gaan om te protesteren tegen kapitalisme, uitsluiting en de afbraak van onze verworvenheden. We hebben ons nooit laten afschrikken door politiegeweld, dat zal ook niet gebeuren totdat 1 mei een vrije dag wordt en een feestdag voor iedereen.
Taylan Devrim
Veel adrenaline, weinig beweging
Na de 1 mei-demonstratie in Nijmegen, die Doorbraak mede georganiseerd had, vond er ’s avonds een discussiebijeenkomst plaats onder de demonstranten en de organiserende clubs, waar de vraag “hoe solidariteit te organiseren” centraal stond, want daar gaat het op 1 mei natuurlijk grotendeels om. Het debat maakte pijnlijk duidelijk dat daar nog maar weinig ideeën over zijn binnen radicaal-links.
Een terugkerend thema in de discussie was de succesvolle staking van de schoonmakers van de afgelopen maanden.
Terecht, want dat is een flink staaltje organisatiewerk geweest en zeker een goed voorbeeld van hoe solidariteit georganiseerd kan worden. Activisten binnen Doorbraak zijn dan ook al langere tijd bezig om zich de organisatiemethoden en strategieën die bij deze campagne gehanteerd zijn, eigen te maken en in te zetten om onze radicaal-linkse thema’s en initiatieven aan kracht te laten winnen. Een deel van de aanwezigen zag ook de noodzaak daarvan. We zitten immers in een economische crisis, mensen zijn de spelletjes die de financiële wereld met hen speelt ronduit zat, het vertrouwen in de parlementaire politiek wordt steeds kleiner, en een enorm groot en groeiend gedeelte van de werknemers werkt op flexibele basis, wordt respectloos gebruikt en leeft in onzekerheid over zijn of haar toekomst. Dat is een situatie die door links al jaren wordt voorspeld en wordt opgepikt, maar het lukt tot dusver maar moeizaam om die onvrede om te zetten in een grote, sterke linkse beweging. Tijdens het debat werd het onbedoeld duidelijk waar dat onder andere aan ligt.
Zonnebrillen
Een deel van de aanwezigen kon de demonstratie van die dag maar niet loslaten. Zoals na vrijwel elke demonstratie waar flinke klappen zijn gevallen tussen demonstranten en politie, barstten er meteen discussies los over geweld op demonstraties. Tijdens het 1 mei-debat kwamen mensen steeds weer terug op de vraag hoe een demonstratie het beste gevoerd moet worden. Dat gaat dan over de vraag of dat provocerend moet, of juist niet, en welke kleding je dan zoal moet dragen (dat naar aanleiding van de kritiek op de vele mensen die in het zwart waren gekleed en die hun gezichten bedekten met sjalen en zonnebrillen). Over de manier waarop sterke en daadkrachtige organisaties opgebouwd zouden moeten worden, waren helaas veel minder ideeën. Daaruit kan geconcludeerd worden dat er nog veel te veel focus ligt op rondjes lopen (demonstreren) en hoe zo’n demonstratie vervolgens moet verlopen. Een klein deel van de aanwezigen vond bijvoorbeeld dat de zwarte kledij, het vuurwerk, het vechten met de politie en de stenen door de ruiten bij uitzendbureau Adecco, het publiek alleen maar van ons zou vervreemden, waardoor een demonstratie (en dus de linkse beweging) volgens hen altijd klein zou blijven. Veel van de andere aanwezigen wilden confrontaties juist niet uit de weg gaan, en weigerden zich de les te laten lezen door de politie, om zo aan het publiek te laten zien dat er écht verzet bestaat en mogelijk is.
Maar als organisaties of groepen mensen op deze manier discussiëren over solidariteit organiseren, dan maakt het uiteindelijk niet veel uit hoe een dergelijke demonstratie verloopt, want solidariteit organiseer je niet door met een stoere, zwarte capuchon en een zonnebril een uurtje te knokken met de politie om vervolgens tussen de ME-linies weggevoerd te worden en weer naar huis te gaan, en óók niet door een vrolijk roze petje te dragen, de politie te gehoorzamen en vervolgens een demonstratie te lopen die niemand opvalt. Demonstraties zijn namelijk ingebed in ons systeem, met geweld of zonder geweld. Soms gebruikt de politie zelfs de korte lontjes, of de wil om te vechten van demonstranten om vervolgens de hele demonstratie kapot te kunnen slaan. Iedereen die zijn blikveld, organisatievermogen en strijdterrein beperkt tot demonstraties lopen of soortgelijke vormen van actievoeren (waar ‘bewustmaken van de burgers’ vaak het onderliggende doel is), is dus bezig met een vrij zinloze strijd. Demonstraties zouden, zeker op 1 mei, een opbeurende gebeurtenis moeten zijn, om de resultaten te laten zien van een jaar lang organiseren. Zulke demonstraties zouden campagnes moeten inluiden, of uiting moeten zijn van ongenoegen. Maar politieke strijd mag zich in ieder geval nooit beperken tot alleen maar ‘bewustwordingsacties’ (gewelddadig of niet), zoals demonstraties lopen.
Politie
Hoe nauw het denkkader over hoe solidariteit georganiseerd moet worden, bij sommigen onder de aanwezigen (van het ‘confrontatie-aangaan-kamp’) wel niet was, bleek uit hun analyse van de wekenlange staking van de schoonmakers. Die werd gereduceerd tot een middag waarop schoonmakers gehoor hadden gegeven aan enkele bevelen van de politie. Het lijkt een kleine, onschuldige of misschien zelfs wel juiste opmerking, maar in een dergelijke uitspraak schuilt ontzettend veel inhoud. Het geeft namelijk precies aan hoe er vanuit een bepaald deel binnen links gekeken wordt naar dergelijke stakingen. De manier waarop de organizers van de vakbond samen met enthousiaste schoonmakers honderden ongeorganiseerde, veelal kansloze, elkaars taal niet sprekende schoonmakers hebben georganiseerd, gemotiveerd en tot een sterk front hebben gevormd, werd niet of nauwelijks onder de loep genomen. Liever werd er één middag uitvergroot, en werd er ingezoomd op datgene waar de confrontatie met de politie een rol speelde. Het zal allemaal wel niet ‘radicaal’ genoeg zijn geweest. Maar dat is natuurlijk een totaal irrelevante analyse, als je bedenkt dat zoveel mensen aan de onderkant van de samenleving vanuit een ongeorganiseerde positie hun baan in de waagschaal stellen en negen weken lang achter elkaar doorstrijden. Dat weegt volgens sommige actievoerders dus op geen enkele manier op tegen een uurtje tegen de politie ageren, om vervolgens weggevoerd te worden. Dat is zoveel makkelijker, maar natuurlijk geen centimeter ‘meer radicaal’. Integendeel.
Deze naar binnen gerichte denkwijze kwam nog eens naar boven toen er door de discussievoorzitter werd gevraagd naar concrete ideeën en plannen om solidariteit beter te kunnen organiseren. Een anarchist deed vervolgens een oproep om vooral ‘onszelf’ te organiseren, want hij kende nogal wat (linkse) mensen die nog niet aangesloten waren bij een organisatie. Verbreding werd door hem minder belangrijk gevonden. Maar wie is ‘onszelf’ dan? Zo rondkijkend door het aanwezige publiek, is dat voor het grootste gedeelte waarschijnlijk de blanke, beetje alternatieve jongere. Nu is er helemaal niks mis met blanke, beetje alternatieve jongeren, en ze zouden zich zeker aan moeten sluiten bij een linkse organisatie, maar waarom is anti-kapitalistische strijd alleen aan hen toevertrouwd? En nog belangrijker: wáárom juist zij en wát ga je dan vervolgens met elkaar doen? Dat zal helaas in de praktijk niet veel meer zijn dan (militant) demonstreren, flyers uitdelen en filmavonden organiseren. Precies zoals het al jaren gaat. Hadden de schoonmakers hun situatie dan maar beter kunnen accepteren? En moeten de vele flexwerkers en geïllegaliseerden dat in de toekomst ook maar doen? De mensen die hun banen zullen gaan verliezen? De mensen wier huizen worden gesloopt en de stad worden uitgedreven? De mensen die steeds meer, langer en harder moeten gaan werken om de bazen maar te kunnen bedienen, die hen bovendien hebben opgezadeld met een crisis? Al deze mensen hebben alle reden om anti-kapitalist en links te zijn, maar zullen zich niet zo snel aansluiten bij een wat subculturele groep mensen, die steeds rondjes door de stad lopen en wellicht hier en daar NEE tegen de politie zeggen. We zullen mensen op andere manieren moeten bereiken, en laten zien dat linkse strijd menens is, en dat er daadwerkelijk resultaten behaald kunnen worden (met de schoonmakersacties alvast in de broekzak). De les van dit 1 mei-debat is dat het opzoeken en contact maken met al die mensen die lijden onder het neo-liberalisme en de aankomende bezuinigingen, nog veel harder en beter zal moeten gebeuren.
Solidariteit
Op deze gekke, ietwat negatieve manier is de dag van de arbeid in Nijmegen toch zeer inspirerend geweest, juist omdat het aanzet tot een verscherping van de strategieën, en nogmaals het bestaansrecht van een organisatie als Doorbraak bewijst. Want hoe lastig het ook kan zijn, Doorbraak-leden proberen woorden in daden om te zetten, en proberen dan ook daadwerkelijk om samen met groepen die harde klappen krijgen verzet en solidariteit te organiseren. Dat geven we op dit moment concreet vorm door actief contact te zoeken en samen te organiseren met migrant domestic workers, Burundezen, inburgeraars, schoonmakers en alle mogelijke groepen die (zullen gaan) lijden onder het juk van de populariteit van Geert Wilders. Dat zou een insteek van vele linkse clubs moeten zijn, en er waren ook zeer zeker positieve geluiden in deze richting te horen tijdens het debat. Maar luisterend naar deze discussie, was enige twijfel rondom de wil van radicaal-links om echt mee te bouwen aan een beweging van onderop, helaas wel op zijn plaats.
Harko Wubs